Zuid-Afrika is het land waar tussen 1948 en 1990 een systeem van hiërarchische rassenscheiding van kracht was: apartheid. De sporen van dit pijnlijke verleden zijn nog overal zichtbaar. Er lijken onzichtbare scheidslijnen te lopen tussen wit en zwart, rijk en arm. De huidige generatie studenten, geboren vlak voor of na de afschaffing van apartheid, wordt de free-borns genoemd. Maar hoewel zij de apartheid niet (bewust) hebben meegemaakt, is het de vraag in hoeverre zij eigenlijk echt vrij zijn van het apartheidsverleden.

 

In de tweede helft van 2016 woonde ik als uitwisselingsstudent in het stadje Stellenbosch, vlakbij Kaapstad. Aan de hand van interviews met Zuid-Afrikaanse studenten met verschillende achtergronden probeerde ik erachter te komen welke rol apartheid nog in hun leven speelt. De interviews vonden plaats tegen de achtergrond van opnieuw oplaaiende studentenprotesten rondom de verhoging van het collegegeld en de vraag naar dekolonisatie van het onderwijs. Ook deze protesten bleken niet geheel los te staan van het verleden.

 

Afbeelding 1: Demonstrant tijdens de ‘Fees Must Fall’-protesten in 2016.

‘Fees Must Fall’: de studentenprotesten van 2016
In eerder onderzoek werd al vastgesteld dat het gebrek aan een nationaal herdenkingsbeleid in Zuid-Afrika leidt tot frustratie en polarisatie bij de huidige generatie studenten.[1] Deze onvrede werd bijvoorbeeld geuit tijdens het ‘Rhodes Must Fall‘-protest in 2015, toen werd gepleit voor het verwijderen van het standbeeld van Cecil Rhodes, een imperialistisch figuur[*], van de campus van de University of Cape Town. Toen de overheid in de tweede helft van 2016 aankondigde dat het collegegeld omhoog zou gaan, leidde dit opnieuw tot een storm aan protesten, ditmaal over het hele land. Deze ‘Fees Must Fall‘-protesten, die in eerste instantie begonnen als een strijd voor meer overheidssubsidie voor het hoger onderwijs, breidden zich steeds meer uit. Dekolonisatie van het onderwijs werd een belangrijke eis van de protesteerders. Daarnaast werd duidelijk dat ook ‘Fees Must Fall’ niet geheel los stond van het apartheidsverleden. Zo maakte de protestbeweging verschillende verwijzingen naar de anti-apartheidsstrijd, bijvoorbeeld door het gebruik van dezelfde liederen.[2]

 

Naarmate de protesten vorderden werd de sfeer grimmiger en werden de acties gewelddadiger. Het is een bekend fenomeen dat gewelddadige incidenten kunnen leiden tot een sterkere groepsidentiteit en uiteindelijk tot polarisatie.[3] Zo werden ook de studentenprotesten een katalysator voor grotere verdeeldheid tussen witte en zwarte studenten. In de hevigheid van de studentenprotesten werden de scheidingslijnen tussen verschillende groepen studenten steeds duidelijker. De protesten werden steeds meer gezien als iets voor studenten van kleur, iets waar witte studenten niets mee te maken hebben.

 

In de gesprekken met Zuid-Afrikaanse studenten kwam dit gevoel van polarisatie duidelijk naar voren. Zo vertelde Anton (23), een witte Afrikaner[**] , over het gebruik van de anti-apartheidliederen:

 

De witte studenten die ook deelnamen aan de protesten hadden het niet door, maar de mensen naast hen zongen “dood de witte mensen”. […] Dat is de reden dat wij, Afrikaners, nooit mee zullen doen aan de protesten. Er is altijd zoiets, de ene dag sta je naast ze en de volgende dag zingen ze zulke liederen. Dat doet pijn.

 

De activistische Inge (20) vertelde dat ze graag deel zou nemen aan de protesten, maar dat ze zich buitengesloten voelde vanwege haar witte huidskleur. Ze vertelde over een incident waarbij ze naar een vergadering ging, maar vervolgens van andere studenten niets mocht zeggen omdat het volgens hen niet haar plaats was. Inge gaf aan dat ze zich hierdoor vervreemd voelde van de strijd en haar medestudenten.

 

Van generatie op generatie
De relatie van de huidige generatie studenten met de generaties voor hen bleek van groot belang voor de manier waarop zij met het verleden omgaan. Farai (21) vertelde dat de verhalen die haar ouders en grootouders deelden over apartheid een belangrijke drijfveer waren geweest voor haar activisme. Tegelijkertijd merkte ze een verschil tussen de generatie van nu en de generatie van vroeger:

 

Zij hebben het vaak over vergeven. Dan zeg ik: ik ben het met jullie eens dat vergeving belangrijk is, maar je kan niet vergeven zonder eerst excuses te hebben gekregen.

 

Hier verwijst ze naar het verlenen van amnestie aan apartheidsmisdadigers door de Truth and Reconciliation Commission, een beleid dat vaak is bekritiseerd.[4]

 

Volgens Farai is het de verantwoordelijkheid van de huidige generatie om ervoor te zorgen dat de toekomstige generatie een beter leven krijgt. Die verantwoordelijkheid ligt volgens haar zowel bij witte als zwarte studenten. Ook Matthew (23) gaf aan dat het aan deze generatie is om de fouten uit het verleden goed te maken. Tegelijkertijd werd ook hij geïnspireerd door anti-apartheidsstrijders van de generatie voor hem. Beide studenten plaatsten zichzelf hiermee in een intergenerationele keten[5], waarbij het verleden een belangrijke rol speelt voor de acties en denkbeelden van nu.

 

Afbeelding 2: Foto gemaakt in Durban als onderdeel van het Unequal Scenes project. Johnny Miller.

Loskomen van oude kaders
De categorieën die ten tijde van de apartheid werden gehanteerd zijn sociale constructen, raciale identiteit is immers dynamisch en fluïde.[6] Maar eenmaal zo sterk afgebakend, blijkt het lastig deze categorieën los te laten. Tijdens de interviews in 2016 werd al snel duidelijk dat de oude labels ook onder de nieuwe generatie nog veel gebruikt worden. Constant werden mensen of groepen aangeduid als ‘white’, ‘black’ of ‘coloured’. Dit is niet misschien niet gek, aangezien de oude scheidslijnen nog steeds de huidige werkelijkheid bepalen. Dit wordt bijvoorbeeld duidelijk op de drone-foto’s van het project Unequal Scenes, waarop te zien is hoe de geografische scheiding van mensen in verschillende wijken onveranderd is gebleven.

 

Hoewel er dus nog veel gebruik wordt gemaakt van apartheidslabels in het dagelijkse leven, is er aan de andere kant ook subtiel verzet te zien tegen die labels.[7] Dit gebeurde tijdens de interviews bijvoorbeeld door het benadrukken van de collectieve identiteit van het Zuid-Afrikaner zijn. Zo antwoordde Matthew op de vraag wat hij ziet als de Zuid-Afrikaanse identiteit: ‘Ik zie het graag als de regenboognatie, een complete melting pot en een land met veel verschillende culturen.’ Wanneer verder werd gevraagd over deze regenboognatie, bleven concrete antwoorden echter uit. Sommige studenten waren dan ook sceptischer, zoals Caitlin (22):

 

Ik denk niet dat er één Zuid-Afrikaanse identiteit bestaat, en dat is ook het probleem. Iedereen probeert de Zuid-Afrikaanse identiteit te vinden, om ons allemaal onder één vaandel te kunnen scharen. En ik denk niet… Dit is zo’n situatie waarin niet iedereen Zuid-Afrikaan gelabeld wil worden.

 

Verstrikt in het verleden?
Er wordt vaker betoogd dat een post-conflictsamenleving ook post-conflictdiscours nodig heeft dat zich niet aan de regels van het verleden houdt om een nieuwe werkelijkheid te manifesteren.[8] Dit blijkt nog niet het geval te zijn in Zuid-Afrika. Voor de nieuwe generatie studenten is het onmogelijk om het verleden achter zich te laten, hoe graag ze dit ook zouden willen. Dit ligt echter niet alleen aan de grote mate van ongelijkheid, grotendeels langs de lijnen van huidskleur, die als een ongevraagde erfenis is achtergebleven in het land.[9] De invloed van voorgaande generaties speelt ook een rol, net als het genormaliseerde gebruik van apartheidslabels. Desalniettemin tonen de studentenprotesten van 2016 aan dat deze generatie niet zomaar van plan is de huidige werkelijkheid te accepteren.
 
Redacteurs: Pita Klaassen en Vincent Veerbeek
 

Noot

[*] De BBC legt helder uit waarom veel mensen moeite hebben met Rhodes.
[**] Dit is de witte bevolkingsgroep die Afrikaans spreekt, een taal die lijkt op Nederlands. Ten tijde van apartheid werd de regering geleid door Afrikaners – ‘apartheid’ is niet voor niets een Afrikaans woord.

Referenties

[1] Ndletyana, M. & Webb, D. “Social divisions carved in stone or cenotaphs to a new identity? Policy for memorials, monuments and statues in a democratic South Africa.” International Journal of Heritage Studies, 23 (2017), p. 97.
[2] Langa, M., Ndelu, S., Edwin, Y., & Vilakazi, M. “#Hashtag: An analysis of the# FeesMustFall movement at South African universities.” 2017, p. 27.
[3] Brubaker, R. Ethnicity Without Groups. Cambridge, 2004.
[4] Worby, E. & Ally, S. “The disappointment of nostalgia: conceptualising cultures of memory in contemporary South Africa.” Social Dynamics 39 (2013), p. 464.
[5] Suransky, C.& Van der Merwe, J.C. “Transcending apartheid in higher education: transforming an institutional culture.” Race Ethnicity and Education, 19 (2016).
[6] Demmers, J. Theories of Violent Conflict. New York and London , 2012. P. 26.
[7] Bock, Z. & Hunt, S. “‘It’s just taking our souls back’: discourses of apartheid and race.” Southern African Linguistics and Applied Language Studies 33 (2015), p. 141.
[8] Ferreira, A. “‘A sort of black and white past and present thing’: high school students’ subject positions on South Africa’s recent past.” Race Ethnicity and Education 19 (2016), p. 1260.
[9] Ferreira, A. “‘A sort of black and white past and present thing’: high school students’ subject positions on South Africa’s recent past.” Race Ethnicity and Education 19 (2016), p. 1249; Teeger, C. ““Both Sides of the Story”: History Education in Post-Apartheid South Africa.” American Sociological Review 80 (2015), p. 1176; Bock, Z. & Hunt, S. “‘It’s just taking our souls back’: discourses of apartheid and race.” Southern African Linguistics and Applied Language Studies 33 (2015), p. 142.
 
Afbeeldingen
Omslagfoto: Tony Carr, Mass Meeting 22 October 2015. https://www.flickr.com/photos/tonycarr/22432909742
Afbeelding 1: https://commons.wikimedia.org/wiki/File:FMF_-_FeesMustFall.png
Afbeelding 2: Johnny Miller, Unequal Scenes – Durban, South Africa. https://www.flickr.com/photos/globallandscapesforum/44707907602
Sonja Pleumeekers

Sonja Pleumeekers

Sonja Pleumeekers (1995) begon het interviewproject ‘Is Apartheid Over’ tijdens haar uitwisselingssemester aan de Universiteit van Stellenbosch in 2016, dat de basis vormde voor haar scriptie. Momenteel studeert ze Conflict Resolution and Governance aan de Universiteit van Amsterdam, maakt ze een EP als singer-songwriter, en is ze hoofdredacteur bij De Focus.